Mw. roept bij de onderzoekende psychiater enige irritatie op doordat mw. herhaaldelijk op een claimende manier aandacht vraagt voor haar pijnbeleving.
De onmacht die mw. ervaart over haar pijnbeleving dringt ze als het ware op aan de psychiater.
Dit opdringen leidt ertoe dat de psychiater zich onder druk gezet voelt, hetgeen niet prettig is.
Dit kan een neiging tot afwijzen van mw. induceren.